Steun ons en help Nederland vooruit

woensdag 4 november 2020

D66 Zuidplas overhandigt visie IKC (Integrale Kindcentra) aan wethouder Verbeek

Vandaag, 4 november 2020, hebben Chantal Bon-de Griek en Jette Frans namens D66 Zuidplas de notitie Integrale Kindcentra (IKC) overhandigd aan wethouder Verbeek.

In deze notitie is de visie van D66 Zuidplas uiteengezet (te vinden onderaan dit artikel en/of bij publicaties)  waarom D66 Zuidplas vindt dat de IKC’s een verrijking zijn voor de ontwikkeling van kinderen. Zo hebben IKC’s een positief effect op de ontwikkeling van kinderen, wordt er voldaan aan de opvangvraag vanuit ouders en kunnen IKC’s ook een belangrijke functie vervullen voor de buurt en gemeente.

De laatste tijd is er vanuit m.n. de hersenwetenschap veel aandacht voor de eerste levensjaren van het kind (‘de eerste 1000 dagen’), de periode die cruciaal is voor de ontwikkeling van kinderen. Kinderen maken de beste start in hun leven als de jonge hersenen zich in de eerste paar jaar optimaal kunnen ontwikkelen. Dat maakt dat de opvoedomgeving, maar dus ook de opvangomgeving van het kind van groot belang zijn en veel invloed hebben op de ontwikkelingskansen en de gezondheid van kinderen.

D66 Zuidplas vindt het daarom van groot belang dat – naast de primaire verantwoordelijkheid van de ouders – de school èn de kinderopvang optimaal zijn toegerust en (in)gericht op een integrale ontwikkeling van het kind. Daarvoor zijn IKC’s nodig. In onderstaande notitie werken we deze visie verder uit.  

 

D66 Zuidplas streeft naar IKC’s in al onze dorpen!  

 

 

Visie D66 Zuidplas over Integrale Kindcentra 

Integrale Kindcentra (IKC)[1] zijn steeds meer in opkomst. Ze hebben een positief effect op de ontwikkeling van kinderen, er wordt voldaan aan de opvangvraag vanuit ouders en een IKC kan ook een belangrijke functie voor de buurt vervullen.
D66 Zuidplas ziet een IKC als een verrijking voor de ontwikkeling van kinderen. Dit kan bekeken worden vanuit het perspectief van het kind, zijn ouders / verzorgers en de omgeving waarin het kind opgroeit, de samenleving/maatschappij dus.

Ook in onze gemeente is een ontwikkeling op gang gekomen op weg naar IKC’s. De Informatienota aan de gemeenteraad d.d. 25 februari 2020 beschrijft de inzet van het college van B & W en de actuele ontwikkelingen om primair een ‘pilot’ of leerwerkplaats voor een zogenoemd ‘inclusief kindcentrum’ te starten in het Koningskwartier in Zevenhuizen.

D66 Zuidplas vindt dit een stap in de goede richting. Maar daarmee zijn we nog lang niet bij het Integraal Kindcentrum (op één locatie, met één leiding, vanuit één pedagogische visie) dat ons voor ogen staat en dat we beschrijven in de visienotitie die voor u ligt.

De laatste tijd is er vanuit m.n. de hersenwetenschap veel aandacht voor de eerste levensjaren van het kind (‘de eerste 1000 dagen’), de periode die cruciaal is voor de ontwikkeling van kinderen. Kinderen maken de beste start in hun leven als de jonge hersenen zich in de eerste paar jaar optimaal kunnen ontwikkelen. Dat maakt dat de opvoedomgeving, maar dus ook de opvangomgeving van het kind van groot belang zijn en veel invloed hebben op de ontwikkelingskansen en de gezondheid van kinderen.

D66 Zuidplas vindt het daarom van groot belang dat – naast de primaire verantwoordelijkheid van de ouders – de school èn de kinderopvang optimaal zijn toegerust en (in)gericht op een integrale ontwikkeling van het kind. Daarvoor zijn IKC’s nodig. In deze notitie werken we deze visie verder uit 

 

Belang voor het kind

 

Twee belangrijke basisvoorwaarden die van grote invloed zijn op de ontwikkeling van kinderen, zijn continuïteit in opvoeding en verzorging en stabiliteit in levensomstandigheden. Bekend is dat verschillende opvangvoorzieningen, verschillende opvoedsituaties waarbij sprake is van andere structuren, andere regels, andere (samengestelde groepen met) kinderen en verschillende gedragsverwachtingen een stressvolle ervaring zijn voor kinderen en een negatieve invloed kunnen hebben op hun ontwikkeling.

 

Als kinderen dagelijks of wekelijks wisselen van opvangsetting, zijn ze veel tijd en energie kwijt om zich aan te passen. Tijd en energie die ze niet kunnen steken in hun ontwikkeling. Hoe jonger het kind, hoe groter de ervaren stress – en hoe minder mogelijkheden vanuit het kind zelf om met die stress om te gaan. Bij een IKC met flexibele openingstijden zou er minder gewisseld hoeven worden van opvang, zullen de verzorgers stabieler zijn en zal er meer homogeniteit zijn in de samenstelling van de groepen.

 

Ook is bekend dat binnen in korte tijd wisselen van verschillende verzorgers van negatieve invloed kan zijn op de emotionele ontwikkeling van kinderen.  Kinderen bouwen een emotionele band op met hun verzorgers die ook hun hechtingsfiguur zijn. Dat zijn uiteraard de ouders en daarnaast andere belangrijke personen in hun omgeving (grootouders, pedagogisch medewerkers).  Hechting is de emotionele band tussen een kind en zijn verzorger die zich gedurende het eerste anderhalf jaar ontwikkelt.

 

Het is bekend dat de sociale en emotionele ontwikkeling van een kind sterk beïnvloed wordt door de kwaliteit van deze hechting. Een heel belangrijke voorwaarde voor een veilige hechting is de continuïteit in de opvoedingsomgeving en in de verzorgers van het kind. Een kind kan best wat hechtingsfiguren aan (5 à 6), zolang deze maar bekend voor het kind zijn en voor langere tijd beschikbaar en zorgend zijn voor het kind.

 

Een belangrijk voordeel van een IKC is de continuïteit in het aantal opvoeders (volwassenen) dat op een dag de zorg draagt voor het kind. Binnen de kinderopvangvoorzieningen (en ook scholen) hebben kinderen vaak te maken met verschillende opvoeders. Denk aan voorschoolse opvang, onderwijs, tussenschoolse opvang, buitenschoolse opvang, met ook vaak weer verschillende volwassenen/leidsters op verschillende dagen.

 

Maar het is voor kinderen goed om gedurende een langere periode dezelfde opvoeder(s) om zich heen te hebben. Het aangaan van hechte bindingen met opvoeders heeft een positief effect op de ontwikkeling van kinderen. Het aangaan van deze hechte bindingen kost tijd en aandacht en dat lukt niet als een kind veel van omgeving (voorziening) of volwassene (verzorger) wisselt. Overgangen betekenen iedere keer een verandering waarbij kinderen te maken krijgen met nieuwe volwassenen, een andere groep met andere regels en afspraken.

 

De ontwikkeling van het (jonge) kind is gebaat dat het aantal van deze overgangen zo klein mogelijk is. Streven bij een IKC is om onderwijs en opvang zo ver te integreren, dat medewerkers (van kinderopvang en onderwijs) zo meer met elkaar samenwerken, waarbij elkaars expertise benut kan worden. Ook zal zo het aantal opvoeders waar een kind gedurende de dag mee te maken heeft verkleind worden. Hierbij kunnen bindingen met leeftijdsgenootjes een rol spelen. Regelmatig dezelfde kinderen om het kind heen (in plaats van wisselingen van groepssamenstelling), zal de onderlinge relatie met leeftijdsgenootjes versterken.

Daarbij verkleint een IKC ook de overgang van kinderopvang naar school, wat ook een positief effect zal hebben op de ontwikkeling van kinderen. De samenwerking tussen opvang en onderwijs leidt tot een soepele overgang van de voorschoolse periode naar de schooltijd. Deze overgang van voorschool naar school is vaak een moeilijke, onzekere en verwarrende periode in het leven van een jong kind. Het verbeteren van de overgang zal zorgen dat dit soepeler verloopt waardoor het minder energie kost van het kind om die overgang te maken, wat een positieve invloed zal hebben op de schoolprestaties en de aanpassing aan het schoolritme. Het gezamenlijk formuleren van beleid door opvang en onderwijs vergemakkelijkt deze overgang.

 

D66 Zuidplas deelt de visie dat één van de belangrijkste succesfactoren van een IKC is dat er (één) doorgaande leerlijn voor de kinderen is en er een gezamenlijke visie op het jonge kind is, waardoor er meer ingezet kan worden op de talentontwikkeling van jonge kinderen. Het hanteren van één pedagogisch en educatief beleid binnen het IKC zal een positief effect hebben op de continuïteit in het leven van kinderen. Door de ontwikkeling van een doorlopende pedagogische en didactische doorgaande ontwikkellijn voor 0-12 jarigen wordt versnippering in het aanbod tegengegaan. Kinderen krijgen minder te maken met allerlei overgangen zowel gedurende de dag als door de jaren heen. Eén en ander zal zorgen voor betere ontwikkelingsvoorwaarden en -uitkomsten voor kinderen en het zal een positief effect hebben op het welzijn van de kinderen.

 

Door de ruimere openingstijden van een IKC ontstaan er meer mogelijkheden om onderwijs aan te laten sluiten op het bioritme van het kind, om zo gebruik te maken van de natuurlijke pieken in de concentratie, wat bevorderend werkt op de algehele ontwikkeling en leerprestaties van kinderen.   

Kinderen leren spelenderwijs; het leren kan in een IKC overal plaatsvinden; in de opvang, onderwijs en in het (brede) activiteiten aanbod (muziek, sport, spel, etc.). Er ontstaat zo een leef- en leergemeenschap waarin kinderen zich optimaal kunnen ontwikkelen.

Belang voor de ouders (verzorgers)

 

Het combineren van werk en ouderschap is een uitdaging. Zodra deze dubbele rol bij ouders zorgt voor stress, heeft dit een negatief effect op de ontwikkeling van het kind. Stress zorgt bij ouders ervoor dat hun (emotionele) beschikbaarheid voor het kind afneemt, wat nadelige gevolgen zal hebben voor de hechtingsontwikkeling. Ouderstress kan zorgen voor mentale problemen en/of gedragsproblemen bij kinderen en het heeft een negatief effect op het welzijn van kinderen. Het reduceren van stress bij opvoeders is dus van belang.

D66 Zuidplas deelt de visie dat flexibele opvang zoals door de flexibele openingstijden van een IKC geboden kan worden, de last van het combineren van werk en ouderschap kan verlichten, waardoor ouderstress afneemt. Afname van stress bij ouders heeft een beschermende werking op de ontwikkeling van kinderen.

 

Belang voor de buurt/ samenleving


Ook de omgeving waarin het kind opgroeit, heeft een sterke invloed op de ontwikkeling van kinderen. De sociale bindingen die kinderen aangaan met hun buurt zijn van invloed op hun ontwikkeling. Sterke sociale binding met de omgeving (school, opvang, buurtkinderen) zijn protectieve factoren voor de ontwikkeling van kinderen. Kinderen hebben sterke sociale bindingen nodig om tot volledige ontplooiing te komen.

 

Een IKC kan ook de pedagogische civil society versterken door dienst te doen als buurtcentrum. Het IKC kan zo de sociale bindingen binnen de buurt en tussen de ouders versterken, wat zorgt voor een informeel netwerk. Het beleid van het IKC richt zich niet alleen op het kind en de ouders, maar ook op het vergroten van het sociale netwerk van gezinnen. Daarbij blijkt ook dat sterke sociale bindingen de ervaren opvoedbelasting door ouders positief beïnvloeden. Ouders die steun ervaren vanuit hun omgeving, zijn effectiever in de opvoeding van de kinderen, wat een positieve invloed heeft op de ontwikkeling van kinderen.

 

D66 Zuidplas vindt dat een IKC de sociale cohesie van de buurt kan bevorderen, wat zowel direct een positief effect heeft op het kind, als indirect via de ouders. Ook vinden wij dat dat een IKC staat voor (meer) kansengelijkheid in de samenleving. Immers, met een IKC in de buurt heeft ieder kind vanaf de geboorte toegang tot een passende, gezonde, veilige en stimulerende speel-, leef- , en leeromgeving. Niet het stelstel (en soms financiën van ouders), maar het kind staat hierbij centraal.

D66 Zuidplas ziet verder markteconomische voordelen in een IKC: gebouw en organisaties worden optimaal benut. Maar het grootste voordeel van een IKC is dat er voor elk kind een brede (optimale) omgeving gecreëerd wordt, waarbij zowel de ontwikkeling van het kind optimaal gestimuleerd wordt als dat achterstanden / risico’s in de ontwikkeling van kinderen vroegtijdig worden gesignaleerd zodat daarop snel ingespeeld kan worden. Hierdoor zal benodigde hulp eerder, effectiever en goedkoper gerealiseerd kunnen worden.          

 

Samenhang IKC en maatschappelijke vraagstukken – de rol van de gemeente


Met de toenemende kosten van de jeugdhulp, groeit ook het besef dat veel gemeenten nog te weinig aandacht geven aan het versterken van de basis; het versterken van de “pedagogische civil society” (term afkomstig van hoogleraar pedagogiek Micha de Winter) Een sterke pedagogische basis binnen de gemeente betekent dat je de opvoednetwerken moet versterken waarin kinderen opgroeien en waarin ouders en opvoeders zich inzetten voor het grootbrengen van kinderen.

Gemeenten hebben de opdracht om de zorg voor alle kinderen dichter bij hun leefwereld te brengen, maar hierbij lijkt het versterken van de pedagogisch civil society nog sterk achter te blijven en wordt er nog vaak voorbij gegaan aan de kracht van een sterke pedagogische civil society. De gemeente zou ook een visie en sturing moeten ontwikkelen op het versterken van die pedagogische basis, wat vraagt om een integrale benadering om zo bij te kunnen dragen aan een beter functionerend jeugd(hulp)stelsel.

Een IKC past heel goed in die integrale benadering en bovendien bij speerpunten uit het Sociaal Domein. Denk daarbij aan principes als eigen regie, eigen kracht, zelfredzaamheid vergroten, preventieve hulpaanbod, versterken van pedagogische civil society.

Bekend is verder dat de impact van een goede start voor het kind, van grote invloed is op de rest van het leven. Dat vereist kennis van de vroege ontwikkeling van kinderen en het delen van die kennis door de disciplines heen. Een IKC kan daar goed in voorzien, zeker als er een zorgfunctie (bv. in de vorm van een CJG) aan toegevoegd wordt. Het IKC kan dan direct ondersteuning bieden bij opvoedingsvragen. Opvoedingsvragen worden zo vroegtijdig gesignaleerd en opgepakt. Vroegtijdig signaleren en investeren leidt op termijn tot hogere maatschappelijke baten en minder maatschappelijke kosten. Tijdig ingrijpen vergroot de vitaliteit en ontwikkelingskansen van kinderen.

 

Een IKC kan een eind maken aan de versnippering van het aanbod van kindvoorzieningen; om een goed stelsel van onderwijs en opvang te ontwikkelen in Nederland. Dit wordt ook gesteund door de brancheorganisaties van onderwijs en opvang, de Onderwijsraad, de Sociaal Economische Raad (SER), de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) en Kindcentra 2020, het platform van diverse bestuurders uit kinderopvang, onderwijs en wethouders uit 50 gemeenten.

 

In 2017 verscheen het rapport van de taskforce Samenwerking Onderwijs en Opvang ‘Tijd om door te pakken in de samenwerking tussen onderwijs en kinderopvang’. Dit rapport verkent de meerwaarde voor kinderen, ouders en professionals en komt met adviezen, voor de invoering waarvan een breed draagvlak bestaat. Deze adviezen hebben als stip op de horizon: volledige integratie van kindvoorzieningen, gekoppeld aan het vergroten van de toegankelijkheid ervan in de vorm van IKC’s.

 

D66 Zuidplas staat achter deze adviezen en de visie van een volledige integratie van kindvoorzieningen. De rol van de gemeente reikt daarbij wat ons betreft verder dan wat wordt beschreven in de eerdergenoemde Infonota. Het gaat niet alleen om het verbinden van partijen en van de verschillende domeinen van onderwijs en sociaal domein als zich daarvoor mogelijkheden aandienen. Het gaat ook om eigener beweging de regie pakken en stimuleren van alle betrokkenen ten bate van de ontwikkeling van het kind. Er zijn ook in Zuidplas anno 2020 en verder nieuwe vormen en nieuwe voorzieningen nodig voor de optimale ontwikkeling van het jonge kind.

Op naar IKC’s, in al onze dorpen!

 

 

[1] Landelijk gehanteerde definitie IKC: Een integraal kindcentrum (IKC)[1] is een voorziening voor kinderen van 0-12 jaar, waar zij gedurende de dag komen om te leren, spelen, ontwikkelen en ontmoeten. Alle ontwikkelingsterreinen van kinderen komen aan bod. Het kindcentrum biedt een totaalpakket op het gebied van educatie, opvang en ontwikkeling. In het kindcentrum wordt gewerkt volgens 1 pedagogische en educatieve visie. Kinderen worden in staat gesteld om hun talenten optimaal te ontwikkelen; doorlopende ontwikkelingslijnen, dagarrangementen en kindnabije zorg zijn inherent aan deze voorziening. Een IKC heeft de volgende kenmerken:
– 1 missie en 1 visie:
een IKC heeft 1 missie en 1 visie voor de hele organisatie. Iedereen die in het IKC werkt, draagt bij aan de missie. Er is een gemeenschappelijke visie op de wijze waarop kinderen leren en zich ontwikkelen. Dat is het fundament van het integraal kindcentrum. Kinderen leren en spelen binnen en buiten schooltijd in het IKC en kunnen hier hun talenten in de volle breedte ontwikkelen.
– 0-12 jaar: baby’s, peuters, kleuters, kinderen tot en met 12 jaar. Zij worden vanuit een doorgaande ontwikkelingslijn gevolgd.
– Breed aanbod; het kindcentrum biedt onderwijs en opvang, maar ook sport, muziek, spel en zorg. Er zijn verplichte onderdelen, maar ook vrijwillige onderdelen waaruit ouders en kinderen kunnen kiezen.

Flexibele opvang: het kindcentrum is de hele dag (van 7-19), het hele jaar geopend. De dagindeling kenmerkt zich door een goede balans van inspanning en ontspanning, van veiligheid en uitdaging.
– 1 organisatie met 1 team; leerkrachten, pedagogen, pedagogisch medewerkers, vakleerkrachten en ondersteuners vormen 1 team. Zo nodig halen zij deskundigen van buiten. De organisatie heeft 1 leiding, 1 beleid en is gehuisvest in 1 gebouw.
– Eenduidige communicatie met ouders: ouders hebben met 1 organisatie te maken. Er is 1 aanspreekpunt.